Vragen? E-mail de Doping Infolijn:
https:///nieuws/algemeen/item/845/

Opstellen dopinglijst vereist meer transparantie

6 August 2003

Deze week is namens Nederland gereageerd op de concept-dopinglijst van 2005. Het Wereld Anti-Doping Agentschap (WADA) heeft deze lijst opgesteld en aan alle belanghebbenden verstuurd voor commentaar. De voornaamste punten van kritiek die door de Nederlandse partijen zijn geuit, richten zich op het grote belang dat gehecht wordt aan relatief onbelangrijke stoffen op deze lijst en op de wens tot nadere uitleg over de voorgestelde veranderingen en over de gevolgde procedures.

Sinds de oprichting van het WADA vindt het vaststellen van een nieuwe dopinglijst plaats volgens vaste procedures. Ieder jaar wordt eerst een conceptlijst opgesteld, die vervolgens van commentaar wordt voorzien door alle belanghebbende organisaties in de wereld. De definitieve lijst wordt vastgesteld door de beleidsmakers van WADA. Deze week is de concept-dopinglijst van 2005 van commentaar voorzien door de vijf partijen die in Nederland werkzaam zijn op dopinggebied: Het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, Dopingcontrole Nederland, Nederlands Olympisch Comité*Nederlandse Sport Federatie, de atletencommissie en het Nederlands Centrum voor Dopingvraagstukken.

De dopinglijst is de ruggengraat van het anti-dopingbeleid. De lijst geeft aan welke stoffen en methoden voor sporters taboe zijn. Over het merendeel van de stoffen en methoden op deze lijst is weinig discussie mogelijk: ze zijn prestatiebevorderend en bij gebruik vormen zij een gevaar voor de gezondheid. Er is echter nog een derde criterium waaraan stoffen kunnen voldoen om op de dopinglijst geplaatst te kunnen worden. Indien een bepaalde stof in strijd met de “spirit of sport” wordt geacht, kan deze stof ook op de dopinglijst worden gezet. Deze “spirit of sport” is een omvangrijk begrip dat verschillende morele en ethische principes omvat. Discussies over dit begrip leveren wereldwijd zeer uiteenlopende reacties op. Dit is op zich niet verwonderlijk; de dopinglijst geldt voor alle sporten in alle landen, en is vanzelfsprekend een compromis tussen alle belanghebbenden.

Meer transparantie
Juist doordat de lijst een compromis is, is het uiterst belangrijk dat bekend wordt gemaakt op welke manier WADA tot haar besluiten komt. Vandaar dat de Nederlandse partijen hebben aangedrongen op het openbaar maken van de bij WADA binnengekomen reacties en de redenen om al dan niet opvolging te geven aan deze opmerkingen. Vorig jaar besloot het WADA om cafeïne en enkele andere stoffen van de dopinglijst te halen. Dit ging gepaard met een uitgebreide wetenschappelijke onderbouwing van deze beslissing. Ook dit jaar zou iedere verandering in de dopinglijst moeten worden verantwoord door een dusdanige onderbouwing.

Prioriteiten stellen
De dopinglijst geeft aan welke medicijnen niet genomen mogen worden door actieve sporters. Hierdoor is het belangrijk dat op de lijst alleen die stoffen en methoden staan, die ook daadwerkelijk van belang zijn vanuit een dopingperspectief. Zoals gezegd, is er over het merendeel van de stoffen en methoden die op de dopinglijst staan weinig discussie. Maar wat betreft de groepen corticosteroïden (ontstekingsremmers) en cannabinoïden (waaronder marihuana) kan getwijfeld worden in hoeverre deze stoffen als oneerlijke prestatieverhogende middelen zouden moeten worden gezien. In sommige gevallen is deze prestatieverbetering nog voorstelbaar, maar die is dan wel marginaal en tegelijkertijd zorgt het verbod op deze stoffen voor een zware belasting voor alle betrokken partijen: sporters, begeleiders en de dopinginstanties.
De sporters moeten hier constant rekening mee moeten houden in hun privé-leven en lopen het risico van een schorsing van maximaal één jaar bij een overtreding. De medische begeleiders moeten in het geval van corticosteroïden alternatieve medicijnen zoeken voor reguliere medische aandoeningen. In Nederland alleen al zijn vorig jaar 9,2 miljoen recepten uitgeschreven voor corticosteroïden. Hier zitten ook herhalingsrecepten bij en dit is inclusief het gebruik door kleine kinderen en bejaarden. Maar ook onder sporters is dit soms een noodzakelijk geneesmiddel. De dopingregels staan bepaalde toedieningwijzen onder strikte voorwaarden wel toe, maar de dispensaties hiervoor moeten allemaal verwerkt worden door een nog te installeren commissie. Dit betekent veel inspanningen voor stoffen die niet centaal staan in het dopingvraagstuk; dan denk je toch meer aan anabole steroïden en EPO. Door de combinatie van marginale prestatieverbetering en al deze praktische bezwaren hebben de Nederlandse partijen vraagtekens gezet bij de noodzaak om deze stoffen als “doping” te zien.

Schuifelend achteruit
Vorig jaar werd een stap vooruit gezet doordat alle groepen van stoffen uitgebreid tegen het licht werden gehouden, waarna besloten werd om cafeïne en enkele andere stoffen van de lijst te halen. Dit jaar dreigt er echter weer voorzichtig rechtsomkeert gemaakt te worden. Het is te hopen dat naast Nederland ook andere landen en sportbonden de eis voor een meer transparante en meer praktijkgerichte dopinglijst onderschrijven om zo het WADA te overtuigen van de noodzaak hiervan.

De officiële Nederlandse reactie is hier te vinden.

  • Vragen? Mail naar
  • Of WhatsApp naar
  • Antwoord binnen één werkdag
Follow us:  
www.viagra-on.com

https://www.apothekegenerika.com

www.medicaments-24.net