Vragen? E-mail de Doping Infolijn:
https:///nieuws/algemeen/item/904/

VWS installeert Nederlands Anti-Doping Platform

13 June 2003

Staatssecretaris Ross- van Dorp heeft woensdag 11 juni jl. een nieuw platform geïnstalleerd onder onafhankelijk voorzitterschap van de heer Jos van der Vegt, directeur Ahoy. Binnen het platform werken NOC*NSF, Dopingcontrole Nederland (DoCoNed), het ministerie van VWS, de NOC*NSF Atletencommissie en het Nederlands Centrum voor Dopingvraagstukken (NeCeDo) aan een nadere afstemming van activiteiten waaronder de invoering van de World Anti-Doping Code. Met enthousiasme en een vleugje reserve ondertekende Ross van Dorp tevens de declaratie van Kopenhagen waarmee de Nederlandse overheid (de invoering van) de Code ondersteunt.

Het anti-dopingbeleid in ons land heeft de laatste jaren fors aan kracht gewonnen. Dat is te danken aan een intensievere inzet van de organisaties die reeds langer op dat terrein werkzaam zijn en aan de komst van nieuwe organisaties. Zo is het Nederlands Centrum voor Dopingvraagstukken reeds langer actief in het tegengaan van het dopinggebruik, doch heeft de laatste jaren zijn werk aanzienlijk uitgebreid. Ook de sportkoepel NOC*NSF heeft een duidelijke en grotere verantwoordelijkheid voor het tegengaan van het dopinggebruik in de sport genomen, hetgeen onder andere blijkt uit de nota “Topsportbedrijven op eigen kracht” waarin het anti-dopingbeleid voor 2001-2004 uiteengezet wordt. Bovendien hebben zich nieuwe organisaties aangediend en inmiddels hun waarde bewezen. Zo is Dopingcontrole Nederland sinds begin 2000 actief met het uitvoeren van een steeds groeiend aantal dopingcontroles, momenteel rond 2.500 per jaar. En binnen NOC*NSF zijn twee commissies zich actief gaan bezighouden met het dopingprobleem, te weten de Auditcommissie en de Atletencommissie. De eerste ziet toe op een goede naleving van dopingreglementen door sportbonden. De Atletencommissie raakt eveneens meer en meer betrokken bij het bestrijden van het dopingprobleem. De overheid voert ook een concreet antidopingbeleid; niet alleen door voorwaardenstellende en -scheppende activiteiten, doch ook door middel van wetgeving inzake het bestrijden van dopinghandel en door de participatie in internationale samenwerkingsverbanden. Bij dat laatste valt ook te denken aan de World Anti-Doping Code, die in maart 2003 in Kopenhagen is aangenomen en die op nationaal niveau geïmplementeerd dient te worden.

Naast de vele positieve resultaten van die groeiende inzet bij het tegengaan van het gebruik van en handel in dopinggeduide middelen, is er ook een minder positief gevolg. De samenhang en de afstemming met betrekking tot al die anti-dopingactiviteiten is niet altijd even optimaal. Dat kan ten koste gaan van een goed en efficiënt integraal anti-dopingbeleid. Dat beleid wordt voor een groot gedeelte collectief gefinancierd, en een niet-optimale samenhang en afstemming betekent dan ook een niet geheel doelmatige besteding van die collectieve middelen. Hieruit vloeit een primaire verantwoordelijkheid voor de overheid voort, om die samenhang en afstemming wel degelijk te optimaliseren. De verplichting daartoe vloeit ook voort uit de door Nederland geratificeerde Anti-dopingconventie van de Raad van Europa (Stbl. 1994, 878). Die conventie verplicht de aangesloten landen immers de beleidslijnen en maatregelen van overheidsdiensten en andere openbare organen die betrokken zijn bij de bestrijding van doping in de sport, te coördineren. Het nakomen van die verplichting is complexer geworden door de toename van de bij het anti-dopingbeleid betrokken organisaties en door de intensivering van hun werkzaamheden. Om aan de verplichting te blijven voldoen, is een Nederlands Anti-doping Platform ingesteld. De leden van het platform zijn vertegenwoordigers van de meest betrokken organisaties bij het Nederlands antidopingbeleid zijn. Het voorzitterschap berust bij de heer Jos van der Vegt, directeur Ahoy, een door de staatssecretaris benoemd onafhankelijk voorzitter. De werkwijze zal door het platform zelf vastgesteld worden. Het platform wordt ingesteld voor een
periode van vier jaar. Aan het eind van die periode vindt een externe evaluatie plaats, waarna besloten wordt over de voortzetting van het platform.

  • Vragen? Mail naar
  • Of WhatsApp naar
  • Antwoord binnen één werkdag
Follow us:  
more information

http://viagra-on.com

look